|
|
Lang geleden waren er eens twee vrienden, Baard en Honger.
Baard was getrouwd met zijn vrouw en ook Honger had zijn vrouw. Allebei waren ze
verzot op bier. Op een dag, toen ze gingen jagen in het bos vonden ze opeens
ergens midden in het bos een hoop volle bierflesjes. Ze begonnen met z’n
tweetjes gezapig te drinken. Toen ze eindelijk voldaan waren, gingen ze verder
op jacht en spraken ze af dat ze na het jagen samen terug zouden komen naar deze
wonderlijke plek om de rest van het gevonden bier op te drinken. Ze gingen elk
hun eigen weg in het bos, maar in plaats van te gaan jagen keerde Honger stiekem
terug naar de plek met het bier. Hij dronk al het bier helemaal alleen op,
gulzig als hij was, zonder ook maar iets over te laten voor Baard.
Na een tijdje jagen begon Baard, die diep in het bos zat, dorst te krijgen en
dacht bij zichzelf: laat ik mijn vriend Honger gaan opzoeken zodat we samen het
bier kunnen gaan opdrinken. Baard passeerde langs Honger’s huis om aan zijn
vrouw te vragen waar deze naartoe was gegaan. Honger zijn vrouw antwoorde dat ze
niet wist waar haar man heengegaan was. Baard vertrok richting de bierflesjes in
de hoop hem daar tegen te komen. Toen Honger zijn vriend Baard zag afkomen,
voelde hij zich plotseling ongelooflijk beschaamd en het enige wat hij kon
bedenken was weglopen. “Loop Honger, Loop”, dacht hij bij zichzelf. “Baard gaat
mij zeker en vast slaan, ik moet ervandoor!“Hoho, zo niet”, dacht Baard, die
zijn vriend zag weglopen. “Hij zal mij niet ontsnappen” en dus begon Baard
achter Honger aan te spurten.
Na enkele ogenblikken begon Honger uitgeput te raken en wist niet goed meer wat
hij moest doen. “Ik heb mijn vriend Baard zo slecht behandeld, ik weet niet hoe
ik hem nu kan ontsnappen”, dacht hij hijgend bij zichzelf. Honger begon tegen
zichzelf te roepen “Oh mijn God, ik doe dit nooit meer!”Terwijl hij met zijn
laatste krachten bleef verder lopen, zag hij plots, aan de rand van de weg een
slapende man liggen. Honger had een plan: hij kroop in de buik van de slapende
man zodat hij zichzelf kon verbergen voor Baard. Maar Baard kwam net op tijd aan
zodat hij zag hoe Honger in de buik van de slapende man kroop. “Deze keer zal
hij mij niet ontsnappen”, dacht Baard. “Ik kan het niet accepteren dat mijn
beste vriend al het bier opgedronken heeft dat we samen gevonden hebben. Ik
blijf hier tot je eruit komt!” En zo krulde Baard zichzelf rond de mond van de
slapende man om er zeker van te zijn dat zijn vriend hem deze keer niet zou
ontsnappen.
En dat is naar het schijnt de reden waarom mannen baarden
hebben en steeds hongerig zijn.
|
Lang geleden waren er eens twee goeie vrienden, de hond en de
kip. Allebei hadden ze een zus. Op een dag zei de hond tegen zijn vriend: “weet
je, ik ga mijn zus bezoeken en ik zou het wel leuk vinden mocht je meekomen.” De
kip was enthousiast over dit plan en stemde in om mee te gaan met Hond.
Toen ze aan het wandelen waren moest Kip plotseling naar het
toilet. “Wacht je even op mij, Hond, ik ga even plassen, maar ben zo terug”.
Toen Kip het bos in rende zag hij daar plots een kadaver liggen van een varken,
waar de wormen reeds zegevierden. Kip vond dit er lekker uitzien en begon lustig
te eten…of liever nog vreten. Hij at en at en at tot hij helemaal voldaan was.
Hij keerde terug naar zijn vriend Hond, die nog steeds op hem aan het wachten
was, maar hij vertelde niets over zijn vondst in het bos en zijn feestmaaltijd
dat hij zonet had verorberd. “Laten we verder gaan”, zei hij aan Hond en ze
vervolgden hun weg.
Toen ze aankwamen bij Hond’s zus werden ze hartelijk onthaald.
Toen het tijd was om te eten zei Hond tegen zijn zus: “Zus, wanneer je het eten
brengt en opschept, wil je dan eerst het vlees op de schotel leggen en daarboven
de rijst?” Zijn zus deed wat er van haar gevraagd werd en bracht de schotel met
eten aan tafel. Toen Kip zag dat er geen vlees op de schotel lag, verdween zijn
zin om te eten en zei hij aan Hond “sorry, maar ik voel mij niet zo goed, ik
denk dat ik niet ga eten”.
“Waarom wil je niet eten?”, vroeg Hond, maar Kip antwoorde nog
eens dat hij geen trek had.
“tja, als je geen zin hebt om te eten, dan begin ik alvast
zelf te eten”. “Doe maar”, zei de kip en de hond begon smakelijk te eten van de
schotel. Hond at al de rijst op tot hij bij het vlees kwam. Toen Kip dit zag,
was hij ontgoocheld en zei: “oh, ik wist niet dat er ook nog vlees onder de
rijst zat”. “Vanaf nu zal ik nooit meer eten zonder eerst en vooral even te
checken wat er allemaal op mijn bord ligt”, dacht Kip bij zichzelf…
En dat is de reden waarom alle kippen steeds met hun poten al
hun eten door elkaar scharrelen, alvorens ze beginnen eten.
Een wijsheid als geen één…
|