|
 |
|
 |
Céline Mukarubibi vertrok
op 6 september voor VKR naar Rwanda voor 2
maanden.
Ze hielp de kinderen bij hun
huistaak, gaf engelseles en organiseerde de
jaarlijkse uitstap,
samen met haar Noorse
collega Nina in het GMA in Kigali.
Ook haar luisterend hoor werd op prijs
gesteld zowel door de kinderen. evenals de
directie. |
|
|
Gisterenavond toen
mijn vliegtuig landde in Kigali voelde ik het kriebelen…
Mijn grote avontuur zou beginnen. Ik was zo benieuwd naar
het land waar mijn vader opgroeide en ik vroeg mij af hoe de
Rwandese bevolking zou zijn. Jammer genoeg kreeg ik nog niet
veel te zien van het landschap want het was 20 uur en
pikkedonker. Zuster Marie-Michelle kwam mij ophalen aan de
luchthaven, daar was ik wel blij om want op die manier was
er meteen iemand die mij kon opvangen. Mede doordat ik
opgehaald werd en door de goede ontvangst voelde ik me
meteen goed in het land dat zo ver van thuis is.
Na een deugddoende nachtrust kon mijn eerste dag Kigali
beginnen…
Éen van de eerste dingen die ik te horen kreeg, was de vraag
die ik in mijn leven al veel gehoord heb ‘hoe kom jij aan
die achternaam?’ Ook nu keken de mensen raar op van mijn
familienaam die niet echt past bij mijn uiterlijk. Maar
eindelijk weet ik hoe mijn familienaam uitgesproken wordt en
blijkt dat ik hem mijn hele leven al verkeerd uitspreek…
Na het ontbijt en de herhaalde uitleg over mijn Rwandese
familienaam kreeg ik een rondleiding in het centrum van
Kigali door twee Belgische meisjes. Zij konden mij al wat
helpen om bepaalde winkels te vinden en toonden mij waar ik
gsm- en internetbenodigdheden kon kopen zodat ik contact kan
houden met het thuisfront. |
Na mijn rondleiding moest ik gaan kijken naar een
verblijfplaats en ik kroop meteen op de taximoto. De kerel
van de moto zag geld in mij. Hij ging mij 2000 rwf aansmeren
voor een ritje dat normaal maar 600 rwf kost maar ik was
verwittigd. Hij ging mij niet liggen hebben. Na heel wat
afbieden was de afgesproken prijs 500 rwf maar toen we
toekwamen moest hij 1000 rwf hebben en kwamen zijn collega –
motorijders er bijstaan om te zeggen dat het ritje toch
zeker 800 rwf waard was. Na heel wat discussie was 800 rwf
de prijs die ik moest betalen. Ik was beter weggelopen met
zijn geld! Daarna moest ik op zoek naar het huis, geen
gemakkelijke klus in een land waar straatnamen en
huisnummers uitzonderlijk zijn. Ik moest op zoek naar het
huis met de zilveren poort en na veel zoeken, verkeerd lopen
en telefoneren; kwam ik terecht waar ik moest zijn. Eens
terug in Kigali had ik het toch even moeilijk om mijn weg
terug te vinden, het was dan ook superdruk op dat moment en
ik wist niet meer welke gebouwen ik die ochtend al dan niet
gezien had. Rechtdoor lopen leek mij het veiligst en dat
bracht mij terug in het klooster.
Mijn eerste dag was al een mooie voorbereiding op de weken
die nog komen maar ik vermoed dat ik op 31 oktober met spijt
in het hart richting België zal vliegen.
|
|
Vandaag ging ik voor het
eerst op bezoek in het weeshuis. Ik werd afgehaald door Marie – Thérèse aan het
klooster en we vertrokken richting het weeshuis. Het was leuk om de plek te zien
waar ik al zoveel van gehoord had. Ik kreeg een rondleiding in het weeshuis en
maakte kennis met de werknemers en de kinderen. Het viel mij op hoe vriendelijk
iedereen was. Iedereen ontving mij met een warme lach, een hand of soms zelf een
knuffel (het waren vooral de kleintjes in de kleuterklas die de muzungu een
handje of een knuffel wilden geven).
Ik had het wel soms moeilijk met de taal. Ik spreek enkel basis – Frans en als
je dan het Frans met een Rwandees accent moet begrijpen, dan vraag je heel vaak
om het nog eens te herhalen. De mensen begrepen er ook niets van dat ik als Belg
beter Engels spreek dan Frans. |
Toen de medewerkers van het weeshuis
te horen kregen dat ik niet de hele tijd in het klooster kon
verblijven, wilden ze mij meteen helpen met het vinden van
een verblijfplaats. Marie – Thérèse schoot meteen in actie
en vroeg aan mensen of zij een verblijfplaats wisten zijn.
We gingen meteen gaan kijken naar enkele plaatsen, maar deze
waren jammer genoeg niet echt het soort dat ik in gedachten
had…
Eens ik ’s avonds thuis gekomen was, voelde ik mij moe
maar wel tevreden… Ik hoop dat ik de komende weken de geplande taken in het
weeshuis kan uitvoeren. |
|
Vandaag was de echte
kennismakingsdag met de kinderen en jongeren uit het weeshuis. In de voormiddag
ging ik even langs bij de kleuters en die kinderen vechten om de muzungu een
handje te geven. Ze sloegen soms naar elkaar omdat ze een handje wouden geven.
Toen ik daarna op mijn hurkje zat, kwamen er meteen vijf kinderen voelen aan
mijn haar. Ze vonden het blijkbaar een raar fenomeen dat mijn haar zo sluik is.
Daarna waren ze liedjes aan het zingen in de klas en die kleintjes kunnen nogal
wat decibels produceren!
In de namiddag werden een Noorse vrijwilligster (Nina) en ik meteen uitgenodigd
op de kamer van een achttienjarig meisje die in het weeshuis verblijft. Daar
hebben we een hele tijd zitten praten met enkele meisjes. Ze kwamen ons meteen
ananas brengen (ja, ze kennen hun wereld) en leerden ons enkele woorden in
Kinyarwanda. Eerlijk gezegd denk ik niet dat ik ooit verder zal geraken dan
‘muraho’, ‘mwaramutse’, ‘mwiriwe’ ‘yego’ en ‘oya’. Maar ik heb het lijstje dat
het meisje mij gegeven heeft en ik blijf hopen dat mijn woordenschat tegen het
einde van mijn verblijf wat verder zal reiken dan die vijf woorden.
Het is gewoon heel moeilijk om die woorden te onthouden want
de woordenschat kan ik niet vergelijken met woorden die ik ken.
|
Zelf als ik de woorden geschreven zie staan, spreek ik ze
meestal verkeerd uit.
Na ons bezoekje aan de meisjes gingen
we even naar buiten en daar waren er meteen jongeren die ons
tegemoet kwamen om een babbeltje te slaan. Voor ik het wist
was het tijd voor een kleine vergadering met de werknemers
en daarna was mijn dag in het weeshuis afgelopen.
Na mijn bezoek aan het weeshuis moest ik nog gaan kijken
naar een woning waar ik de rest van mijn verblijf zou kunnen
wonen. Ik nam een minibusje dat wel heel gammel was. Zo een
busje nemen is een avontuur op zich. Je zit daar op elkaar
gepropt, de schuifdeur staat soms open tijdens de rit en om
één of andere onverklaarbare reden zitten de buschauffeurs
de hele tijd te toeteren. Als je geluk hebt, zit je in een
busje met piepende en nauwelijks werkende remmen en heb je
een chauffeur waarvan je je afvraagt waar hij in godsnaam
ooit heeft leren rijden.
Het was een superdag en ik moet me geen zorgen meer maken
over mijn verdere verblijf want binnenkort verhuis ik naar
een huis met andere vrijwilligers. Ik ben al benieuwd wat
morgen brengt… |
|
|
|
|
|
|
Deel gerust
uw mening
met ons,
opmerkingen
en
suggesties
zijn
steeds
welkom!
|
|
volg ons
via: |
 |
 |
|
|
|
|
 |
|
 |
|
|
|
|
|
|
|